← Alle lessen

Borden, markeringen en lichten

Verbods- en gebodsborden (C en D)

Een rond bord met rode rand verbiedt iets, een rond blauw bord verplicht iets. Hier leert u de belangrijkste C- en D-borden, wat de onderborden voor fietsers en bromfietsers betekenen, tot waar een verbod geldt en hoe u een fietspad met bord van een gemarkeerd fietspad onderscheidt.

10 min lezen · 25 oefenvragen

Na deze les kan je

  • De verbodsborden C herkennen: toegang, inhalen, afslaan, keren, snelheid, afmetingen en massa.
  • Weten tot waar een verbod geldt en welke borden het opheffen.
  • De onderborden M2, M3, M11 en M12 bij C1, C3, C31 en D1 juist lezen, en weten wanneer M2 verplicht is.
  • De gebodsborden D herkennen: verplichte rijrichting, rotonde, verplicht fietspad, voetpad en ruiterpad.
  • Het verschil maken tussen een verplicht fietspad (D7) en een aanliggend fietspad zonder bord.

Borden in deze les

C en D: verbod en gebod

De wegcode verdeelt de verkeersborden in zes groepen. Twee ervan zijn in deze les aan de beurt.

  • Verbodsborden (C): rond, wit met een rode rand. Ze verbieden iets.
  • Gebodsborden (D): rond en blauw. Ze verplichten iets.

Een onderbord kan de betekenis aanvullen of beperken. Een verbod én een gebod kunnen van tevoren worden aangekondigd met hetzelfde bord en een onderbord met de afstand bij benadering tot waar het begint (art. 69.2 voor gebodsborden). Op het examen telt dus ook wat er onder het bord staat.

Toegang en voertuigen

  • C1: verboden richting voor iedere bestuurder. U mag deze weg niet inrijden vanaf deze kant.
  • C3: verboden toegang in beide richtingen voor iedere bestuurder.
  • C5: verboden voor motorvoertuigen met meer dan twee wielen en motorfietsen met zijspan. Met het onderbord 'uitgezonderd 2+' of '3+' is de rijstrook enkel open voor voertuigen met minstens 2 of 3 inzittenden en voor het openbaar vervoer; andere bestuurders mogen ze enkel gebruiken om op- of af te rijden, om af te slaan of om een aanpalend eigendom te bereiken (art. 68.3).
  • C6: verboden voor quads (motorvoertuigen met vier wielen, gebouwd voor onverhard terrein).
  • C7, C9, C11, C13: verboden voor motorfietsen, bromfietsen, fietsen en gespannen (paard en kar). C15 en C19 gelden voor ruiters en voetgangers.
  • C22: verboden voor autocars. C23: verboden voor voertuigen voor goederenvervoer; met een massa op het onderbord geldt het verbod enkel voor voertuigen met een maximaal toegelaten massa boven die waarde (art. 68.3).
  • C24a: verboden voor voertuigen met gevaarlijke goederen. C24b: enkel voor ontvlambare of ontplofbare stoffen. C24c: enkel voor verontreinigende stoffen (bijvoorbeeld bij een waterwingebied).

Richting: C3 zegt uitdrukkelijk 'in beide richtingen'. Een toegangsverbod met een voertuigsymbool (C5, C7, C9...) staat aan het begin van de weg en geldt voor wie er in die rijrichting inrijdt; staat het alleen aan deze kant, dan mag u uit de andere richting wel komen.

Onderborden bij C1, C3 en C31 (art. 68.4): het onderbord M2 ('uitgezonderd fietsers') is verplicht als het verbod niet voor fietsers geldt; zonder M2 geldt het verbod dus ook voor fietsers. M3 ('uitgezonderd fietsers en bromfietsen klasse A') voegt de bromfietsen klasse A toe. Staat op M3 de letter A niet, dan geldt de uitzondering ook voor bromfietsen klasse B en speed pedelecs. M11 voegt de speed pedelecs toe (fietsers en speed pedelecs), M12 fietsers, bromfietsen klasse A en speed pedelecs. Fietsers mogen dus in een eenrichtingsstraat tegen de richting in rijden als C1 een onderbord M2, M3, M11 of M12 draagt.

'Uitgezonderd plaatselijk verkeer' onder C3 laat toe (art. 2.47): bewoners en hun bezoekers, leveringen, geregeld openbaar vervoer, voertuigen voor onderhoud en toezicht als hun opdracht dat rechtvaardigt, prioritaire voertuigen, fietsers en ruiters. Doorgaand verkeer mag er niet in.

Massa, afmetingen, afslaan, keren en inhalen

  • C21: verboden voor voertuigen waarvan de massa in beladen toestand (het werkelijke gewicht, MBT) hoger is dan de aangegeven massa. C23, C39 en C43 met massa-onderbord kijken daarentegen naar de maximaal toegelaten massa (MTM) op het inschrijvingsbewijs.
  • C25, C27, C29: verboden voor voertuigen of combinaties waarvan de lengte, breedte of hoogte, lading inbegrepen, groter is dan de aangegeven waarde.
  • C31a en C31b: verbod om aan het volgende kruispunt af te slaan in de richting van de pijl. Ook hier gelden de onderborden M2, M3, M11 en M12 voor fietsers en bromfietsers (art. 68.4, 2°).
  • C33: verbod om te keren, vanaf het bord tot en met het volgende kruispunt. C33 verbiedt alleen het keren; links afslaan blijft toegelaten.
  • C35: verbod om een gespan of een voertuig met meer dan twee wielen links in te halen, vanaf het bord tot en met het volgende kruispunt of tot C37. C37 beëindigt dit verbod.
  • C39: hetzelfde verbod, maar enkel voor bestuurders van voertuigen voor goederenvervoer met een maximaal toegelaten massa boven 3.500 kg; een personenauto of autobus mag er dus wel inhalen. C41 beëindigt het.
  • ZC35 en ZC37 (vooral in Vlaanderen): hetzelfde inhaalverbod, maar zonaal; het geldt in de hele zone tot het eindbord, ook voorbij kruispunten.

Valkuil: bij C35 gaat het om het voertuig dat u inhaalt, niet om uw eigen voertuig. C35 verbiedt elke bestuurder, ook een motorrijder, om een auto of gespan links in te halen. Een fiets of een tweewielige motorfiets mag u wel inhalen.

Snelheid en tot waar een verbod geldt

  • C43: maximumsnelheid. Ze geldt vanaf het bord tot en met het volgende kruispunt, of tot een ander C43-bord (met of zonder zone), of tot het begin of einde van een bebouwde kom, woonerf, erf of voetgangerszone. Met een zone (zonale geldigheid) geldt de snelheid in de hele zone. Met een massa op het onderbord geldt de beperking enkel voor voertuigen met een maximaal toegelaten massa boven die waarde (art. 68.3).
  • C45: einde van de snelheidsbeperking van C43.
  • C46: einde van alle plaatselijke verboden voor rijdende voertuigen.
  • C43 met 30 boven bord F1 (F1a of F1b) geldt voor alle openbare wegen in die bebouwde kom; dan staat C45 boven F3. In de bebouwde kom geldt anders 50 km/u, in Brussel standaard 30 km/u.

C33, C35, C39 en C43 gelden vanaf het bord tot en met het volgende kruispunt (art. 68.3); C31 geldt voor het eerstvolgende kruispunt. Het examen vraagt vaak waar een verbod eindigt, dus leer de eindborden C37, C41, C45 en C46. Houd rekening met de snelheid per gewest: buiten de bebouwde kom 70 km/u in Vlaanderen en Brussel, 90 km/u in Wallonië, tenzij een C43-bord iets anders zegt.

Gebodsborden D

  • D1: verplichting de door de pijl aangeduide richting te volgen. Staat de rechte pijl op een obstakel, dan moet u er langs de aangeduide kant voorbij rijden.
  • D3: u moet een van de richtingen volgen die de pijlen aanduiden.
  • D5: verplicht rondgaand verkeer, de rotonde.
  • D7: verplicht fietspad.
  • D9: deel van de weg bedoeld voor voetgangers, fietsers en bromfietsen klasse A. D10: voor voetgangers en fietsers.
  • D11: verplicht pad voor voetgangers (voetpad). D13: verplicht pad voor ruiters (ruiterpad).

Onderborden bij D1 (art. 69.4): het onderbord M2 is verplicht als het gebod niet voor fietsers geldt; zij mogen dan wel een andere richting nemen. M3, M11 en M12 werken zoals bij C1: ook bromfietsen klasse A, speed pedelecs of beide zijn dan vrijgesteld. Bij D7 bepalen de onderborden M6 en M7 (bromfietsen klasse B) en M13 tot en met M16 (speed pedelecs en bromfietsen klasse B) wie het fietspad moet of niet mag volgen.

Examenvalkuil F19 tegenover D1: F19 (blauw rechthoekig bord met witte pijl) is een aanwijzingsbord dat zegt dat de weg eenrichtingsverkeer heeft; D1 (rond blauw bord) is een gebod dat u verplicht de pijlrichting te volgen. Bij F19 mag u aan het volgende kruispunt nog kiezen, bij D1 niet.

F21 betekent dat u een hindernis rechts of links mag voorbijrijden (art. 71.2). Zonder bord laat u zuilen en verkeersgeleiders links liggen, dus u rijdt er rechts voorbij; een vluchtheuvel ook, tenzij de behoeften van het verkeer rechtvaardigen dat u hem rechts laat (art. 9.6). Een D1 op de hindernis legt de kant op.

Fietspad met bord of zonder bord

Een fietspad is het deel van de openbare weg bedoeld voor fietsen en tweewielige bromfietsen klasse A, aangeduid door D7, D9 of door wegmarkeringen. Het fietspad maakt geen deel uit van de rijbaan.

Dit is dé examenvraag:

  • Met bord D7 (of D9): fietsers en bromfietsers klasse A moeten het fietspad volgen zolang het bord voor hun rijrichting staat. Dat geldt ook als het links ligt. Alleen bij bijzondere omstandigheden moeten ze het niet volgen; dan rijden ze rechts op de rijbaan.
  • Markering zonder bord: twee evenwijdige witte onderbroken strepen die een stuk weg afbakenen dat niet breed genoeg is voor autoverkeer. Ligt dit fietspad rechts, dan is het verplicht. Ligt het links, dan is het verboden.

Fietsers en bromfietsers klasse A mogen het verplichte fietspad verlaten om van richting te veranderen, om in te halen of om een hindernis te omzeilen.

Bromfietsers klasse B en speedpedelecs: bij een snelheidsbeperking tot 50 km/u of minder mogen zij het D7-fietspad of het gemarkeerde fietspad volgen, zonder anderen in gevaar te brengen. Bij een hogere beperking moeten zij het volgen als het aanwezig en bruikbaar is. Die basisregel geldt voor beide types. Alleen bij D7 kunnen onderborden daarvan afwijken (art. 69.4): M6 verplicht het fietspad voor bromfietsen klasse B, M7 verbiedt het hun; M13 verplicht het voor speed pedelecs, M14 voor bromfietsen klasse B én speed pedelecs; M15 verbiedt het voor speed pedelecs, M16 voor bromfietsen klasse B én speed pedelecs.

Als automobilist mag u niet op een fietspad rijden, en stilstaan en parkeren is er verboden. Steekt u een fietspad over, dan moet u voorrang verlenen aan wie het fietspad volgt.

Begrippen

Onderbord
Een bijkomend bord onder het hoofdbord dat de betekenis aanvult of beperkt, zoals M2 (uitgezonderd fietsers) of een massa bij C23 en C43.
Plaatselijk verkeer
Bewoners en hun bezoekers, leveringen, geregeld openbaar vervoer, onderhoud en toezicht, prioritaire voertuigen, fietsers en ruiters (art. 2.47).
Zonale geldigheid
Bij C43, ZC35 en parkeerborden: het verbod geldt in de hele zone, ook voorbij kruispunten, tot het bord dat de zone beëindigt.
MBT en MTM
Massa in beladen toestand is het werkelijke gewicht (C21); maximaal toegelaten massa is de waarde op het inschrijvingsbewijs (C23, C39, massa-onderbord bij C43).
Fietspad
Deel van de openbare weg bedoeld voor fietsen en bromfietsen klasse A, aangeduid door D7, D9 of markering; geen deel van de rijbaan.
Speedpedelec
Snelle elektrische fiets tot 45 km/u, een eigen bromfietscategorie in de wegcode, met eigen onderborden (M11 tot en met M16).

Veelgemaakte fouten

  • Denken dat C35 ook het inhalen van tweewielers (fiets, tweewielige motorfiets) verbiedt; het verbod geldt voor het links inhalen van gespannen en voertuigen met meer dan twee wielen, ook door een motorrijder.
  • Vergeten dat het inhaalverbod C35 tot en met het volgende kruispunt of tot C37 loopt.
  • Denken dat C33 ook links afslaan verbiedt; het verbiedt alleen keren.
  • Denken dat fietsers zonder onderbord M2 toch tegen de richting in een C1-straat mogen rijden; zonder M2 geldt het verbod ook voor hen.
  • F19 (eenrichtingsverkeer, aanwijzing) verwarren met D1 (verplichte richting, gebod).
  • Denken dat een fietspad met D7 enkel verplicht is als het rechts ligt, of dat een gemarkeerd fietspad links ook gevolgd mag worden.
  • C1 en C3 verwarren: C1 sluit één richting af, C3 beide richtingen.

Check je begrip

Vraag 1 van 50 juist
Parkinguitrit die een rood fietspad kruist, een fietser nadert van links.
Verkeersbord bij deze vraag
Foto
Situatie: Parkinguitrit die een rood fietspad kruist, een fietser nadert van links.

U verlaat een parking en moet een fietspad met dit bord oversteken. Er nadert een fietser op het fietspad. Wie heeft voorrang?