← Cursus Rijbewijs CE

Rijbewijs CE · les 7 van 13

Rij- en rusttijden (Verordening 561/2006)

Europese regels beperken hoe lang u mag rijden en dwingen rust af. Ze gelden voor vrachtwagens boven 3,5 ton. Het examen vraagt cijfers en cases, dus leer ze goed.

3 min lezen · 17 checkvragen

Na deze les kan je

  • De maximale rijtijden per dag, week en twee weken noemen.
  • De pauze na 4,5 uur rijden en de dagelijkse en wekelijkse rust correct toepassen.
  • Weten voor welke voertuigen de regels gelden en wat er bij controle getoond wordt.

Voor wie en waarom

Verordening (EG) nr. 561/2006 geldt voor het vervoer van goederen met voertuigen boven 3,5 ton MTM, en voor personenvervoer met meer dan negen zitplaatsen. De regels beschermen u tegen vermoeidheid en zorgen voor eerlijke concurrentie. De tachograaf registreert of u zich eraan houdt.

Een C1-voertuig tot 7.500 kg valt dus ook onder de regels zodra het meer dan 3,5 ton MTM heeft.

Rijtijden

Rijtijd is de tijd dat u daadwerkelijk rijdt.

  • Dagelijks: maximaal 9 uur. Twee keer per week mag dat 10 uur zijn.
  • Wekelijks: maximaal 56 uur.
  • Twee opeenvolgende weken samen: maximaal 90 uur.

Deze limieten tellen elk apart. U kunt dus nooit zomaar 10 uur rijden op alle dagen, ook al blijft u onder 56 uur per week.

Pauzes

Na 4,5 uur rijden neemt u een pauze van minstens 45 minuten. U mag die opsplitsen in een eerste deel van minstens 15 minuten en daarna een deel van minstens 30 minuten. De volgorde is dus 15 en dan 30, niet omgekeerd.

Tijdens de pauze doet u geen ander werk. Wachten, laden of administratie telt niet als pauze.

Dagelijkse rust

De gewone dagelijkse rust is 11 uur aaneen. U mag ze splitsen in een deel van minstens 3 uur en een deel van minstens 9 uur, binnen 24 uur.

De dagelijkse rust mag tussen twee wekelijkse rusten maximaal drie keer worden ingekort tot minstens 9 uur. Binnen elke periode van 24 uur na het einde van uw vorige dagelijkse of wekelijkse rust moet u een nieuwe dagelijkse rust hebben.

Wekelijkse rust

De gewone wekelijkse rust is minstens 45 uur. Een ingekorte wekelijkse rust van minstens 24 uur is toegelaten, als u de gemiste uren inhaalt voor het einde van de derde week erna. Tussen twee wekelijkse rusten liggen hoogstens zes periodes van 24 uur.

De gewone wekelijkse rust mag u niet in de cabine nemen: u slaapt in een geschikte verblijfplaats.

Bij een controle toont u de gegevens van de huidige dag en van de 56 voorgaande dagen. Overtredingen worden zwaar bestraft, ook voor de werkgever.

Begrippen

Rijtijd
De tijd dat u daadwerkelijk achter het stuur rijdt.
Pauze
Een onderbreking waarin u geen werk doet.
Dagelijkse rust
De rustperiode tussen twee werkdagen.
Wekelijkse rust
De lange rustperiode van minstens 24 of 45 uur.

Veelgemaakte fouten

  • Rijtijd en werktijd verwarren: alleen rijden telt voor de 4,5 uur.
  • De pauze eerst in 30 en dan in 15 minuten opdelen.
  • Denken dat een ingekorte wekelijkse rust niet moet worden gecompenseerd.
  • De gewone wekelijkse rust in de cabine nemen.

Check je begrip

Rij- en rusttijden (Verordening 561/2006)Vraag 1 / 5

Hoe vaak per week mag de dagelijkse rijtijd verlengd worden tot 10 uur?