← Cursus Rijbewijs BE

Rijbewijs BE · les 4 van 7

Lading, kogeldruk en massa

De lading bepaalt hoe stabiel uw samenstel rijdt. U leert hoe u laadt, wat kogeldruk is, welke maten gelden, welke lading u op het examen niet mag meenemen en wat overlading betekent.

3 min lezen · 8 checkvragen

Na deze les kan je

  • Een lading verdelen en vastzetten zodat het samenstel stabiel blijft.
  • Uitleggen wat kogeldruk is en waarom ze belangrijk is.
  • De maten en de signalisatie van een lading kennen.
  • Het verschil maken tussen de MTM en de werkelijke massa, en weten wat overlading is.

Borden in deze les

Zo verdeelt u een lading

Laad zware voorwerpen laag en vlak boven de as. Een lading die te ver naar achteren ligt, tilt de neus van de aanhangwagen op: de kogeldruk wordt te laag en het samenstel gaat slingeren. Een lading die te ver naar voren ligt, belast de achteras van uw auto te zwaar.

Maak alles vast met sjorbanden of netten, zodat niets kan schuiven, vallen of wegwaaien. De lading mag geen lichten, reflectoren of nummerplaat bedekken en mag niemand in gevaar brengen. Op het examen moet de lading goed vastgemaakt zijn.

Kogeldruk

De kogeldruk is de neerwaartse kracht van de dissel op de trekhaak. Laad zo dat de dissel licht op de kogel drukt. U overschrijdt nooit de maximale kogeldruk die in de handleiding van de auto en op de trekhaak staat.

Te weinig kogeldruk maakt de aanhangwagen onstabiel: hij gaat zwiepen. Te veel kogeldruk drukt de achterkant van de auto naar beneden, waardoor de koplampen te hoog schijnen en het stuur lichter wordt. Wijzig de verdeling van de lading als het samenstel onrustig rijdt.

Maten en signalisatie

Een beladen voertuig mag hoogstens 4 m hoog en 2,55 m breed zijn. Vooraan mag de lading niet buiten het voertuig uitsteken. Achteraan mag ze hoogstens 1 m uitsteken, tenzij het om lange, ondeelbare stukken gaat tot 3 m.

Steekt de lading achteraan meer dan 1 m uit, dan hangt u aan het uiteinde een vierkant bord van 50 cm met afwisselend rode en witte strepen. Moeten de lichten branden, dan komen er een rood licht naar achteren en een oranje reflector aan elke zijkant bij.

Borden C25, C27 en C29 verbieden de toegang voor te lange, te brede of te hoge voertuigen, lading inbegrepen. Bij een lengtebord telt de volledige lengte van uw samenstel.

MTM, werkelijke massa en overlading

De MTM is een maximum. De werkelijke massa is wat het voertuig op dat moment weegt. Overlading is dat de werkelijke massa de MTM overschrijdt. Dan rijdt u gevaarlijk: de remmen zijn niet gemaakt voor dat gewicht en u kunt ook een boete krijgen. Het rijbewijs wordt bepaald door de MTM, het bord C21 door de werkelijke massa.

Bij het examen voor BE moet de werkelijke massa van de aanhangwagen minstens 800 kg zijn. Is de tarra lager, dan is lading nodig en brengt u een weegbon mee. Verboden lading op het examen: ADR-producten, levende dieren en stinkende producten.

Personen vervoeren in een aanhangwagen is verboden. Een caravan of aanhangwagen is dus geen plaats voor passagiers tijdens het rijden.

Begrippen

Kogeldruk
De neerwaartse kracht van de dissel op de trekhaak.
Overlading
De werkelijke massa is hoger dan de toegelaten massa.
Sjorren
Een lading met banden, netten of touwen vastzetten.

Veelgemaakte fouten

  • Alle zware spullen achteraan in de aanhangwagen leggen.
  • Denken dat een lege aanhangwagen niet overladen kan zijn.
  • De lading niet vastmaken omdat de rit kort is.
  • De lengte van de aanhangwagen vergeten bij een bord C25.

Check je begrip

Lading, kogeldruk en massaVraag 1 / 5

Welke lading mag u meer dan 1 m achter de aanhangwagen laten uitsteken?